Is Zwarte Piet in Vlaanderen als Colombus in Zuid-Amerika?

Iedereen kijkt selectief naar zijn of haar geschiedenis. Stalin is nog steeds een kerel in Rusland, Mao kreeg vorig jaar nog een gigantisch standbeeld in China en op school leerde ik niets over de genocide die onze koning, Leopold II, aanrichtte in de Congo. Een film die zonder veel respect Zuid-Amerikaanse figuranten de kolonisatie doet herbeleven, verschafte mij inzicht in hoe de figuur van Zwarte Piet racistisch kan zijn.

 

 

Films met inhoud

 

Ooit zag ik de film “Even the rain” (“También la lluvia”) over een filmploeg die de verovering van Zuid-Amerika door Colombus en zijn kornuiten op pellicule wou vereeuwigen. Geschiedenis en het hier en nu lopen al vlug door elkaar. Een buitenlands bedrijf wil de watervoorziening privatiseren. De hoofdrolspeler wordt door de regisseurs gevraagd om zich niet langer te engageren voor betaalbaar, proper water. Wat ik vooral onthoud uit de film is hoe de indigene ‘figuranten’ schijnbaar worden terechtgesteld en hoe heftig dat moet zijn voor die mensen. Ze kennen ongetwijfeld de geschiedenis (de genocide, slavernij etc.) en zien gelijkenissen met het heden.

 


Aan die film moest ik denken toen ik Sinterklaas speelde. In de Mannequin Challenge: Pieteneditie (berichtgeving) speelde ik de witte sint. Die heeft het niet gemakkelijker, hoor! Met die lange gewaden geraak je nergens zonder hulp. Keer op keer moesten mijn zwarte pieten mij door de deur helpen, mijn mijter oprapen, mijn staf aanreiken. Maar ik had wel de gemakkelijkste positie van allemaal. Ik zat neer en at een taartje of stond recht, maar keek in mijn boek. Mijn taken waren eerder beperkt. Zij, de (stereotype) zwarte pieten, moesten zich stilhouden in de ongemakkelijkste, maar grappige of dienstige houdingen. Deze gewaarwording sterkte mij in het geloof dat de rolverdeling tussen zwarte piet en sinterklaas problematisch is en een carnavelesque omkering der gebruikelijke orde op zijn plaats is.


Theater is repeteren voor de werkelijkheid

Een parallel met het voortschrijdend inzicht van de Spaanse regisseurs-acteurs in “Tambien la lluvia” drong zich op. Door theater te spelen, kroop ik in de huid van iemand anders en speelde ik een situatie na die niet tot mijn 9-to-5-bestaan behoort. Het is ironisch dat door eens een rolletje gespeeld te hebben ik beter begrijp hoe Zwarte Piet pijnlijke historische en eigentijdse rolverdelingen tussen zwart en blank in herinnering brengt. 

(even ademhalen)

Maar misschien legt dit de klemtoon teveel op het negatieve? Kan dezelfde boodschap met een positievere toon gebracht worden? Ik geloof dat Sinterklaas perfect gevierd kan worden zonder dat zwarte piet dik aangezette rode lippen hoeft te hebben. Het is niet zo dat ik meega in het verhaal dat de pietendiscussie het kinderfeest verbrodt. Integendeel: een niet-stereotyperende piet zorgt dat meer mensen van 6 december kunnen genieten en dat het feest nog groter wordt!

 

LABO biedt verschillende vormingen die gebruikmaken van theatertechnieken om de sociale werkelijkheid te onderzoeken en te verbeteren aan.

Ella Baker: groepsgericht leiderschap herontdekken

Aan wie denk je het eerst als iemand de Amerikaanse burgerrechtenbeweging als onderwerp aansnijdt? Veel kans dat het antwoord Martin Luther King is. Wie iets meer ingelezen is in de beweging zal snel nog enkele namen aan dat lijstje toevoegen maar bij de vraag naar vrouwen – op een eervolle vermelding voor Rosa Parks na – meestal het antwoord schuldig blijven. Tot voor iets meer dan een jaar geleden was dat bij mij niet anders geweest. Toen botste ik op een naam die me niet meer los zou laten: Ella Baker. Hoewel haar naam lange tijd bijna was vergeten, is haar traditie meer levend dan ooit.

Her-story: de geschiedenis herlezen

Vandaag is het dag op dag dertig jaar geleden dat Ella Baker is overleden. Veel kans dat je nog nooit over haar hebt gehoord. Toch speelde ze een cruciale rol in de Amerikaanse burgerrechtenbeweging als onvermoeibare activiste. Ze was een groot deel van haar leven vooral achter de schermen actief, maar drukte daar wel een stempel op een hele generatie activisten die decennialang zouden strijden voor sociale rechtvaardigheid.

Ella Baker staat niet alleen in een traditie van sterke vrouwen die richting gaven aan de burgerrechtenbeweging en hun plaats in de geschiedenis meer dan verdienen. In een geschiedenis die naast ‘history’ ook ruimte laat voor ‘her-story’ komt naast mannen als Martin Luther, Malcolm X, Bayard Rustin, ook Baker aan bod, net als Fannie Lou Hammer, Septima Clark of Elizabeth ‘Betita’ Martinez.

ELLA BAKERElla Baker had al een hele geschiedenis binnen de burgerrechtenbeweging achter de rug wanneer ze een cruciale rol speelde bij de oprichting van de Student Non-Violent Coordinating Committee (SNCC). Ze begon haar carrière bij het National Association for the Advancement of Colored People (NAACP) in 1938. Het NAACP is een van de oudste en ook meer mainstream onderdelen van wat de burgerrechtenbeweging zou worden. Binnen die organisatie zou ze reeds doen waar ze de rest van haar leven in uitblonk: een cruciale rol vervullen als ‘organizer’. Ze was actief bezig met het rekruteren van leden, fondsen te verwerven en lokale groepen te organiseren.

Nadien zou ze vanaf 1957 aansluiting vinden bij een nieuw opgerichte organisatie, de Southern Christian Leadership Conference (SCLC). Zelfs als de naam weinig belletjes doet rinkelen, zal de organisatie je onrechtstreeks misschien wel wat zeggen. Het SCLC is namelijk de organisatie achter Martin Luther King. Baker werd er al snel opgemerkt omwille van haar organisatorische capaciteiten en talent om met mensen aan de slag te gaan. Ze was er zelfs enkele jaren ‘executive director’, zij het ad interim en nooit volwaardig.

Het is tekenend voor het seksisme dat ook binnen de Amerikaanse burgerrechtenbeweging aanwezig was dat iemand als Ella Baker zo lang in de schaduw is blijven staan. Bij het SCLC vond men blijkbaar dat ze enerzijds wel de capaciteiten had voor een cruciale functie, maar als vrouw niet waardig was om de titel ook officieel te dragen.

Rollen in beweging: “mobilizer” versus “organizer”

We kunnen gerust aannemen dat Martin Luther King de belangrijkste ‘mobilizer’ van de beweging was, terwijl Ella Baker de rol van ‘organizer’ vervulde. Beide rollen zijn belangrijk in termen van bewegingsopbouw maar op lange termijn is toch vooral de ‘organizer’ onmisbaar bij het uitbouwen van een effectieve en duurzame beweging. Want wat doe je met het momentum dat de ‘mobilizer’ creëert en de mensen die je daarmee aantrekt? Die moet je verbinden met elkaar en de organisatie, een plek geven en laten groeien om je beweging te versterken. En het was net daarin dat Ella Baker uitblonk.

Niet iedereen was even doordrongen van het belang van dit werk. Het is een misverstand dat tot op heden telkens opnieuw moet opgehelderd worden: de voornaamste taak van de ‘organizer’ is niet het organiseren van evenementen, wat vaak wel bij de functie komt kijken, maar wel het samenbrengen, voorbereiden en organiseren van mensen.

De sit-in beweging ontstond schijnbaar spontaan toen vier jonge, zwarte studenten weigerden op te staan in een gesegregeerde lunch zaak. Het was 1960 en de tijd bleek rijp, want al snel volgde er een golf van gelijkaardige protesten doorheen het Zuiden van de VS. Het was een meer confrontationele actie dan men gewoon was binnen de gevestigde burgerrechtenbeweging omdat de segregatie rechtstreeks werd aangekaart. Ella Baker vond opnieuw hoop in deze jonge, gedreven activisten in een tijd waar ze binnen het SCLC steeds minder perspectieven zag.

Baker zag als ‘organizer’ meteen het potentieel in deze jonge mensen. Ze zag hen niet als ‘pionnen’ om in te schakelen in een of andere organisatie, maar als potentiële leiders die mee sociale verandering konden aansturen. Onder de vleugels van het SCLC organiseerde ze een conferentie waar jonge activisten uit de sit-in beweging elkaar konden ontmoeten. Ze sprak met honderden studenten en leiders uit de gemeenschap en bezorgde een neerslag van haar reflecties hierbij aan de organisatie.

mlkeb1

Baker omarmde echter de jongeren hun drang naar autonomie en was sceptisch ten opzichte van pogingen om hen in te kapselen in een bestaande structuur zoals het SCLC. Haar oprechte interesse in de jongeren en hun noden, maar ook haar democratische geest, maakte dat ze werd gevraagd als een van de weinige ‘adult advisors’ binnen de nieuwe organisatie die de jongeren zouden opzetten, het SNCC.

Geen leider of één leider: beide modellen schieten te kort

Leiderschap is een heikel discussiepunt binnen sociale bewegingen. De twee uiterste posities zijn het naar voor schuiven van charismatische, autoritaire (en meestal mannelijke) leidersfiguren of het verwerpen van leiderschap in alle vormen. Beide posities zijn bijzonder problematisch voor bewegingen die in de 21ste eeuw een tegenmacht willen opbouwen die strijdt voor sociale rechtvaardigheid.

Het autoritaire leiderschap dat kenmerkend was voor sommige marxistische bewegingen heeft vandaag geen bestaansrecht meer. Sterk beïnvloed door feministische en anarchistische groepen hebben recente protestbewegingen duidelijk gemaakt dat ze niet geloven in dit soort leiders. Een van hun sterkste argumenten is dat onze bewegingen de wereld waar we naar streven moeten vooraf spiegelen. Soms wordt dit omschreven als ‘prefiguratieve politiek’: we kunnen onmogelijk een meer vrije en democratische samenleving realiseren als we onszelf niet organiseren op een manier die deze democratie van onderop belichaamt.

Organisaties en bewegingen hebben noot aan een breed palet van vaardigheden en kennis. Dat volledige palet zal je nooit bij één iemand aantreffen. Organisaties met een autoritaire leiderschapsstructuur zullen dus sowieso belangrijke leiderschapsdomeinen onontgonnen laten. Een sterke spreker is immers niet noodzakelijk een goed strateeg. En een degelijk procesmatig organisator geeft misschien weinig inzicht in het onderhouden van relaties zoals een opbouwwerker dat kan.

Het andere uiterste, het verwerpen van elke vorm van leiderschap, creëert echter andere problemen. Om te beginnen is het onrealistisch: als je leiderschap problematiseert zullen er nog steeds mensen initiatief nemen en meer gehoord worden. Alleen kan je hen hier moeilijker op aanspreken, ze zijn immers formeel geen leider. Waar je, los van deze informele hiërarchie die onvermijdelijk is, leiderschap toch tot een minimum beperkt dreig je ook je beweging te verzwakken door de sterktes van de mensen die er deel van uitmaken niet te benutten. Dan krijg je een situatie waarbij leden van een groep systematisch en geforceerd op de rem gaan staan om toch maar niet in een positie van leiderschap terecht te komen.

Een andere traditie: grassroots, groepsgericht leiderschap

Ik kwam de naam Ella Baker voor het eerst tegen in het warm aanbevolen boek Towards Collective Liberation: Anti-Racist Organizing, Feminist Praxis, and Movement Building Strategy van Chris Crass. Crass is een ervaren ‘organizer’ die jarenlang actief was bij The Catalyst Project, een organisatie die vooral inzet op anti-racisme. Hij heeft sterke wortels in een organizing traditie die beïnvloed is door sociaal-anarchistische denkers en praktijken. Des te meer viel het me op hoe hij Ella Baker naar voor schoof net omwille van haar verfrissende en bevrijdende kijk op leiderschap.

book baker 3Crass beschrijft hoe Baker actief inzette op participatieve democratie binnen bewegingen en dit koppelde aan het minimaliseren van hiërarchie en de nadruk op expertise en professionalisme die hieraan gelinkt zijn. Ze geloofde ook heel hard in directe actie waarbij enerzijds onmiddellijke noden vervuld worden en anderzijds een gevoel van eigenwaarde en kracht herwonnen wordt.

Geworteld in de overtuiging dat groepen net gebaat zijn met meer in plaats van minder leiders, bouwde Ella Baker aan groepsgericht leiderschap bij de jongeren actief in het SNCC. Haar positie in de groep was eerder Socratisch. Ze drong nooit haar mening op, maar daagde de groep uit verder te kijken met gevatte vragen op het juiste moment. Volgens sommigen was haar terughoudendheid, doordrongen van de democratische gedachte, medeverantwoordelijk voor de neergang van de organisatie op een moment met hoogoplopende spanningen wanneer haar wijsheid en ervaring houvast had kunnen bieden.

Misschien had een iets meer proactieve houding effectief een verschil gemaakt. Misschien heeft ze toen een beoordelingsfout gemaakt en haar eigen leiderschapskwaliteiten te weinig uitgespeeld om het groepsproces niet te domineren. Feit is dat het SNCC in haar korte bestaan ontzettend veel heeft betekend in de burgerrechtenbeweging en een nieuwe, noodzakelijke wind liet waaien. Alle betrokken wijzen steeds in de richting van Ella Baker als men vraagt hoe dat komt. Meer dan wat dan ook, was ze een mentor die jongeren in zichzelf liet geloven. Ze haalde alles uit de groep wat er in zat, net door plaats te maken voor de kracht en kwaliteit die elk binnen bracht.

Kwaliteiten van groepsgerichte leiders

De kracht van groepsgericht leiderschap bestaat erin te tappen uit de collectieve wijsheid die voor een stuk de individuele blinde vlekken kan opheffen. Het veronderstelt zowel authenticiteit, generositeit als nederigheid in hoofde van de mensen die – formeel of informeel – een positie van macht vervullen.

Goed leiderschap creëert opportuniteiten voor anderen om hun talenten te ontdekken en vaardigheden te ontwikkelen. Met andere woorden: het geeft ruimte aan anderen om zelf leider te worden. In één moeite verhoog je zo de capaciteit van je groep om aan verandering te werken én versterk je de individuen die daarbij betrokken zijn.

Een groepsgerichte leider heeft oog voor de mensen die in je netwerk actief zijn. Niet alleen omwille van wat ze de organisatie kunnen bijbrengen, maar wel omwille van het menselijke potentieel dat ze hebben. Een groepsgerichte leider stimuleert het ontwikkelen van dergelijk potentieel en maakt het zichtbaar.

Chris Dixon omschrijft een model van 3 C’s voor anti-autoritair leiderschap dat ons mee op weg kan zetten. Die staan voor ‘clear’ (helder), ‘conscious’ (bewust) en ‘collective’ (collectief). Leiderschap moet helder zijn zodat leiderschapsrollen die uitgeoefend worden ook benoemd worden. Daarnaast moet het een bewuste praktijk zijn waarbij rollen worden toebedeeld en verantwoordelijkheid wordt opgenomen. Het collectieve aspect bestaat erin dat training en mentoring het mogelijk maakt om van leiderschap een dynamisch en gedeeld gegeven te maken.

Dergelijk leiderschap komt tegemoet aan de terechte roep om geloofwaardigheid en authenticiteit van activisten aan de basis die eisen dat bewegingen woorden omzetten in daden. Walk the talk en wees prefiguratief: laat ons vandaag zelf al bewijzen dat een participatieve democratie mogelijk is. Maar het biedt ook een antwoord op de bezorgdheid dat de enorme uitdagingen van deze tijd geen gebrek aan organisatie, effectiviteit of strategie dulden. We mogen het potentieel dat we hebben niet verkwisten, daarvoor staat er teveel op het spel.

De relevantie van grassroots leiderschap in de 21ste eeuw

Ella Baker was haar tijd ver vooruit. Maar misschien is vandaag het moment aangebroken om haar visie ‘mainstream’ te maken. Transformatief en groepsgericht leiderschap kan onze bewegingen veel bijbrengen. En in enkele bewegingen is dat wat vandaag reeds aan het gebeuren is.

book baker 1Een voorbeeld hiervan is de Black Lives Matter beweging en eerder ook de Occupy beweging. Volgens sommige commentatoren zijn die bijzonder omdat ze leiderloos zijn. Maar wie dat zegt is blind voor de dynamieken die onder het wateroppervlak spelen. Barbara Ransby onderstreept net hoe rijk aan leiders de Black Lives Matter beweging is. Niet toevallig is Ransby auteur van Ella Baker and the Black Freedom Movement, waarin het leven en de filosofie van Baker heel treffend wordt uit de doeken gedaan. Ransby vat de erfenis van Baker samen als die van een Freireaanse onderwijzer, een Gramsciaanse intellectueel en een radicale humanist. Hoewel een vrouw als Baker geen verwijzing naar mannelijke rolmodellen behoeft om haar kracht te duiden, dekt die vlag wel goed de lading.

De Amerikaanse filosoof en activist Cornel West laat een gelijkaardig geluid horen in Black Prophetic Fire. Door een hoofdstuk over Baker toe voegen, geeft hij haar definitief haar rechtmatige plaats in het pantheon van de zwarte vrijheidsstrijd in de VS. Meer dan in de andere historische leiders ziet West in haar een voorbeeld voor deze tijd net omwille van haar democratische ingesteldheid en het inzicht dat leiden niet enkel gaat om het gidsen van anderen, maar ook om het in staat zijn om ‘op te vangen’ wat leeft onder mensen, om vast te stellen waartoe ze in staat zijn.

Ook in ons land hebben we nood aan sterke bewegingen met veel leiders. Een engagement om werk te maken van sociale verandering kan niet vrijblijvend zijn. We kijken bovendien aan tegen sterke structuren en een hegemonisch verhaal dat het status-quo wil verankeren. Net daarom moeten we denken op lange termijn en de kans geven aan een grote groep nieuwe activisten om hun eigen talenten te ontwikkelen en in te zetten voor een nieuw verhaal. Met één goede strateeg of spreker zullen we niet ver komen.

Bovendien zijn organisaties die het moeten hebben van een charismatische leidersfiguur bijzonder kwetsbaar. Hoe moest het verder met het SCLC na het gewelddadige dood van Martin Luther King? Waarom hoorden we nog maar weinig van de Organization of Afro-American Unity na de moord op Malcolm X? Wanneer leiderschap gedecentraliseerd is, is het veel moeilijker om via repressie een beweging te ontwrichten. Elke machtsvacuüm dat ontstaat, wordt meteen weer opgevuld door nieuwe leiders.

Uiteindelijk gaat het ook om een zeer emancipatorische visie op bewegingswerk. We moeten als bewegingen niet bouwen aan een achterban van ‘volgers’, maar aan actieve, kritische medestanders met leiderschapscapaciteiten. Zo benutten we maximaal de volle potentiële capaciteit die we in huis hebben. En enkel op die manier mogen we terecht hopen om vandaag de fundamenten te leggen voor een beweging die morgen écht het verschil kan maken.

— Jeroen Robbe is reeds vijftien jaar als activist betrokken in grassroots sociale bewegingen. Bij LABO vzw, een beweging voor kritisch (wereld)burgerschap staat hij in voor vormingswerk en sociale actie.Dit is een eerste artikel in de reeks ‘bewegingswerk versterken’ waar recepten voor bewegingsopbouw in de 21ste eeuw worden onderzocht.

Malcolm X en de strijd tegen onrecht, by any means necessary

De strijd om de geschiedenis en het onvertelde verhaal

“By any means necessary”

De pedagogische relevantie van Malcolm X voor kritische wereldburgers

Black is beautiful

 

 

Malcolm X is helemaal terug! En dat zullen we geweten hebben. Momenteel loopt een theatervoorstelling in de KVS en er is ook een zeer welkom Nederlandstalig boek verschenen bij EPO uitgeverij. Wie was Malcolm X en waarom vinden we als beweging voor kritisch burgerschap zijn erfenis zo belangrijk? In wat volgt een korte persoonlijke appreciatie van de man binnen de context van de bredere strijd van zwarte Amerikanen voor bevrijding en een aanmoediging om de nieuwe kansen te grijpen om hem ook in het Nederlands beter te leren kennen.

 

De strijd om de geschiedenis en het onvertelde verhaal

Het geldt voor elke belangrijke historische gebeurtenis: wie nadien de pen vasthoudt (vaak de overwinnaar), heeft een grote impact op ons collectieve geheugen. Geschiedschrijving is immers geen neutraal proces. Het is een strijd tussen verschillende perspectieven met als inzet het verhaal dat de volgende generaties zullen onthouden. Wie het gangbare discours over de strijd van de geschiedenis van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging leest, zal ook daar vaak geconfronteerd worden met één invalshoek die mainstream geworden is. En daardoor dus ook onvermijdelijk een zeer onvolledig en gekleurd beeld krijgen.

Dat ‘opgepoetste’ verhaal houdt ons onder andere voor dat Rosa Parks een brave ziel was die, vermoeid na een lange dag werken, weigerde recht te staan om plaats te maken voor een blanke medereiziger. Wat er niet bij verteld wordt is dat Rosa Parks op dat moment al jaren zeer actief geëngageerd was in de burgerrechtenbeweging en dat haar beslissing dus meer gepolitiseerd en minder spontaan was dan je zou vermoeden.

De tweede klassieke misvatting is dat van de tegenpolen Martin Luther King en Malcolm X. Volgens deze gebruikelijke vertekening van de realiteit was Martin Luther King een bijna heilige, een dromerige vredesapostel, terwijl Malcolm X een gewelddadige haatzaaier en separatist en was. Beide afschilderingen stroken niet met de werkelijkheid.

BOOK The Radical KingVoor we verder gaan met Malcolm X nog even Martin Luther King herkaderen. Hij was weliswaar zowel strategisch als principieel voorstander van geweldloos verzet, maar hij was politiek in zijn voorstellen veel radicaler dan men ons wil doen geloven. Cornel West stelde een zeer lovenswaardig boek samen, genaamd The Radical King waarin hij King’s erfenis in ere wil herstellen. West laat er King zelf uitgebreid aan het woord in een reeks geschriften die het denken van King in die mate verrijkt dat menig progressief ongemakkelijk op zijn stoel begint heen en weer te schuiven. Gelijke burgerrechten voor zwarte Amerikanen was immers lang niet het eindpunt van King’s droom, die onder meer ook aandacht had voor een verregaande herverdeling van de rijkdom. Te vroeg werd een eind gemaakt aan zijn strijd voor die droom wanneer hij vermoord werd.

 

“By any means necessary”

Maar wie was die andere onvermoeibare vrijheidsstrijder, Malcolm X, die helaas op dezelfde gewelddadige manier als King aan zijn einde kwam? Ik leerde de man, zoals vele generatiegenoten kennen door de biografische speelfilm van Spike Lee. De film zat ooit als ‘gratis extraatje’ bij een andere film waarvan ik de DVD kocht. Het is uiteindelijk het B-kantje over Malcolm X dat ik doorheen de jaren opnieuw en opnieuw zou gaan kijken. Als jonge activist werd ik al snel geraakt door de rake bewoordingen en strijdbaarheid van Malcolm X, in de film vertolkt door Denzel Washington. De fictie maakte al snel plaats voor talrijke archiefbeelden van de historische figuur zelf op youtube.

Malcolm X was een complexe figuur met een zeer boeiende maar ook tragische biografie. Zijn compromisloze strijdvaardigheid heeft hem mee de reputatie opgeleverd de ‘gewelddadige versie van Martin Luther King’ te zijn. Achter zijn ‘by any means necessary’ schuilde echter geenszins een drang tot geweld, maar een zeer nuchtere kijk. Geconfronteerd met een fundamenteel onrechtvaardig systeem dat zwarte Amerikanen degradeerde tot tweederangsburgers, maakte hij duidelijk dat het status quo absoluut niet aanvaardbaar was. Kleine hervormingen in de marge die het racisme zelf ongemoeid lieten zouden niet volstaan. De dingen zeggen waarop het staat, dat was de houding die Malcolm X typeerde.

Wat hij niet deelde met King was diens geloof dat het systeem geresponsabiliseerd kon worden via geweldloos verzet. Hij weigerde te spelen volgens die eenzijdige spelregels, wat bijdroeg tot de demonisering van hem en zijn beweging. Hij wees er echter op dat vasthouden aan geweldloze strijd als enige strategie enkel mogelijk was als ook de tegenspeler die regel zou aanvaarden.

Het is onmogelijk iemands kijk op de werkelijkheid echt te begrijpen, zonder een oog te werpen op diens biografie. Malcolm X was oorspronkelijk Malcolm Little, maar hij deed in een onevenaarbare ‘decolonize yourself’-stijl afstand van de naam die zijn voorvaderen kregen van hun slaveneigenaars. Anders dan King had hij effectief aan den lijve ondervonden wat opgroeien in armoede is en hoe ‘sociale diensten’ de gezinnen van de zwarte en verarmde bevolking wisten te ontwrichten.

 

De pedagogische relevantie van Malcolm X voor kritische wereldburgers

Er is een citaat van Malcolm X dat we vaak gebruiken op workshops in krantentheater of andere vormingen waarbij we de media kritisch onder de loep nemen: “als je niet voorzichtig bent, dan zullen de kranten ervoor zorgen dat je hen die onderdrukt zijn haat en de onderdrukkers liefhebt.” Woorden die mooi illustreerden hoe Malcolm X deed aan wat Freire omschreef als ‘de wereld lezen’. Op basis van een kritische analyse van de specifieke context en met oog voor de link met de globale realiteit keek hij naar de werkelijkheid, omdat die kennis van de werkelijkheid cruciaal is bij het uitstippelen van een actiestrategie.

Hoewel dit schema voor een hedendaagse beweging van kritische burgers niet met Malcolm X in gedachten is opgesteld, had het wel uit zijn pen kunnen komen. Wellicht had hij er nog een mooie metafoor aan toegevoegd. Niet voor niets richtte hij zich aan het eind van zijn leven, bij de oprichting van een nieuwe (seculiere) organisatie, de Organization of Afro-American Unity (OAAU), met de woorden: “onderwijs is ons paspoort voor de toekomst, want morgen behoort slechts aan zij die haar vandaag voorbereiden”.

 

Black is beautiful

stamp malcolm xEén van de grote verdiensten van Malcolm X was dat hij heel wat Amerikanen met Afrikaanse voorouders opnieuw een gevoel van zelfwaarde gaf. “Wie heeft jou geleerd om jezelf te haten?” vroeg hij aan een quasi volledig zwart publiek. Heel vaak gebruikte hij een rijke beeldtaal om zijn punt kracht bij te zetten. Zo maakte hij een onderscheid tussen de ‘house negro’ en de ‘field negro’. Een verwijzing naar het tijdperk van de slavernij. De huisslaaf woonde dichter bij zijn meester en werd wel uitgebuit maar dan net iets subtieler. Het was soms genoeg om zich met de meester te gaan identificeren. Dat terwijl de absolute uitbuiting van de slaven op het veld ervoor zorgde dat die laatste groep een constante haat voor hun meester koesterden.

Als er een mogelijkheid was om te ontsnappen of in opstand te komen dan waren de huisslaven, aldus Malcolm X, vaak zo bekommerd om hun meester dat ze blind voor het lijden van hun medeslaven het nalieten om in verzet te komen. Malcolm bood de zwarte Amerikaan van de jaren ’60 een alternatief voor het lijdzaam aanvaarden van onderdrukking: doen zoals de oude veldslaven. Word een field negro en sla terug!

Deze tijd heeft nood aan nieuwe Malcolm X’en en Martin Luther Kings. Net zo goed als we Ella Bakers en Rosa Parksen nodig hebben. Want laat ons vooral niet vergeten dat de strijd voor bevrijding van de zwarte Amerikaanse bevolking, net zo goed als voor eender welk volk geldt, onmogelijk vooruit kon gaan zonder de inzet en het leiderschap van vele sterke vrouwen die vaak slechts een voetnoot kregen in de ‘officiële’ geschiedenis. Elk cultureel project dat deze reuzen van de sociale verandering opnieuw in het daglicht plaatst, moeten we toejuichen. Zeker als daarbij de kaders van fatsoen opgetrokken door het establishment versplinterd worden

Malcolm X haatte de witte Amerikaan niet. Hij haatte het systeem van witte superioriteit dat gepaard ging met het gewelddadige onderdrukken en uitbuiten van de zwarte landgenoten. En hij legde terecht de vinger op de wonde door… white privilege

Malcolm X was niet makkelijk om de tuin te leiden en hij durfde te zeggen waar het op stond. Progressieven die in werkelijkheid een beleid steunden dat op een dun laagje beschavingsretoriek na niet veel beter was dan dat van conservatieve witte racisten noemde hij ‘vossen’. En die vos was in zijn ogen nog gevaarlijker en vooral verraderlijker dan de conservatieve wolf. Want de vos verbergt zijn tanden achter een glimlach die de beet niet minder dodelijk maakt.

Ook dat was de kracht van Malcolm X: heldere beeldtaal die tegelijk grappig is en niets aan de verbeelding over laat. Zijn gespierde maar eerlijke taal en liefde voor zijn zwarte medemens maakten hem tot bron van inspiratie voor hele generaties. Van Stokely Carmichael die de uitdrukking ‘Black Power’ lanceerde over de Black Panther Party tot hiphoplegendes als Public Enemy, ze delen hun bewondering voor de man die de zwarte Amerikaan zijn waardigheid terug gaf.

Andere eigenschappen die Malcolm X sierden en mijn bewondering voor hem nog vergroten zijn nederigheid en kritische zelfbevraging. Ondanks de retorische kracht, ondanks de vele supporters, als het er op aan kwam, dan durfde hij toe te geven dat hij fout was. Eens hij besefte de bal misgeslagen te hebben, dan mocht dit publieke gezegd worden. Liever dat dan blijven verkondigen waarin hij zelf niet meer geloofde. Om die reden brak hij met Nation of Islam, hoewel hij overtuigd moslim bleef, misschien wel net omdat hij overtuigd moslim bleef. Om die reden herzag hij ook zijn visie op samenwerking met andere zwarte leiders. En om diezelfde reden ging hij anders kijken naar de verhouding tussen witte en zwarte Amerikanen. Het maakt Malcolm X tot een zeldzaam oprecht voorvechter van een vrijheidsstrijd waarvan de consequenties niet beperkt kunnen worden tot zwart versus wit.

Martin Luther King werd opgepoetst en verburgerlijkt, Malcolm X werd met zonden overladen. Twee recepten, één doel. Op die manier probeerde het establishment te doen wat het nog steeds doet: iconen in de strijd voor een radicaal andere samenleving onschadelijk maken. Aan ons om dit niet te laten gebeuren. Het wordt tijd dat we Malcolm de erkenning geven die hij verdient als icoon voor kritisch burgerschap. Want ook dichter bij huis, in onze tijd en onze samenleving hebben we nood aan compromisloos leiderschap dat weigert te gehoorzamen aan krachten van onderdrukking en racisme.

September en oktober in beeld

Wachtrij voor sociale woning in Aalst

Wachtrij voor sociale woning in Aalst

Foto vanaf hoogtewerker op Werelddag van Verzet tegen Armoede (17 oktober 2016) te Gent

Foto vanaf hoogtewerker op Werelddag van Verzet tegen Armoede (17 oktober 2016) te Gent

Zo hoog zit die armoede ons!

Zo hoog zit die armoede ons!

Verzet tegen Armoede Gent 2016

Verzet tegen Armoede Gent 2016

Recht op onderwijs, inkomen, justitie

Recht op onderwijs, inkomen, justitie

2016-09-07 16.24.36
Workshop buiten

Workshop buiten

Circles 4 change zijn gezellig

Circles 4 change zijn gezellig

climate express fietst tegen ttip en ceta

Climate Express fietst tegen TTIP en CETA

Ook LABO zegt nee tegen TTIP en CETA

Ook LABO zegt nee tegen TTIP en CETA

2016-09-24 14.35.152016-09-24 14.30.16

Sociaal Laboranten vieren Feest

Vrijdag 21 oktober vierden vrijwilligers en medewerkers het bestaan van LABO vzw, de beweging voor kritisch burgerschap. Op het menu stond: vegetarische spaghetti, een speech van Jeroen, heel veel dessertjes en een hoop gezelschapsspelletjes! Het was een gezellige boel

Vegetarische spaghetti

Uitleg over toekomstige projecten

Spaghetti doet lachen

Nienke, Lut, Robin, Hannah

Speech van jeroen

Ninja’s doen de afwas

Taart, cake, walnoten in overvloed

Desserteren

Kaartje leggen

Kaartje leggen

Meer spelletjes spelen

Een mooie stage op professioneel en persoonlijk niveau

Mijn tijd hier in het mooie Gent zit er alweer op. En jeetje, wat is de tijd snel gegaan, zeg! Na een half jaar hier gewoond en stage gelopen te hebben binnen LABO vzw kan ik wel zeggen dat ik met een big smile kan terugkijken op deze periode.

 

 

“De zoveelste Hollandse dame”

Ik was de zoveelste Hollandse dame (haha) in het kernteam en heb heel veel verschillende werkzaamheden gedaan bij LABO vzw. Hierdoor heb ik van alles wat kunnen meepakken op het gebied van werkvormen binnen de beweging tot aan administratieve taken en het organiseren van activiteiten.

Ik heb veel geleerd op professioneel, maar ook op persoonlijk niveau. En ja, dat is natuurlijk wel logisch als je stage loopt bij een organisatie die zich bezighoudt met thema’s rond Kritisch Burgerschap!

 

“Ik verlegde mijn grenzen”

mireille

Ik begon met het organiseren van de LABO-teamdag en daarnaast ging ik wel eens mee naar workshops of vormingen om te observeren en mee te helpen.

Ik verlegde mijn grenzen en voerde mijn eerste sociale actie door middel van het veranderen van straatnaambordjes van Leopold II naar aanleiding van de Dag van het Kritisch Burgerschap. Samen met Pieter begeleidde ik de ECOlogica-Circles 4 Change en ik organiseerde mee het Back to Ruralfestival. Ook ben ik mee geweest naar Calais en Duinkerke om mee te helpen in de vluchtelingenkampen daar en ik tuinierde gezellig mee in de moestuin in de Boerse Poort.

Ik heb enorm genoten van alle activiteiten waar ik aan heb deelgenomen als medeorganisator, maar zeker ook als deelnemer. Ik heb verschillende organisaties in Gent leren kennen, veel mogen ervaren en ik kan alleen maar zeggen dat ik daar een bult lieve mensen heb leren kennen.

 

“dag fijne mensen”

Wat ik mooi vind aan LABO vzw, is dat ze zo hard focust op de uniekheid van ieder individu. Ieder, vanuit zijn eigen omgeving en ervaringen, heeft een bepaalde denkwijze en mag die hebben. Door op creatieve manieren in gesprek te gaan met mensen zorgt LABO vzw ervoor dat bepaalde maatschappelijke thema’s en vraagstukken in vraag worden gesteld en dat daar over in dialoog kan worden gegaan. Want Leren, Ageren, Bewegen & Organiseren doe je zeker niet alleen!

Dag, dag Coupure, dag nachtwinkels, dag tram, dag gezellige speciaalbiercafeetjes, dag mooie kathedralen, dag Bourgoyen, dag dronken Overpoortgangers, dag lekkere frietjes en dag dag fijne mensen!

Deze stad met al haar allures heeft zeker een plekje in mijn hart veroverd en dit zal dan ook niet de laatste keer zijn dat ik vanaf hier wegrijd naar het ook zo mooie Friesland!

Welk burgerschap willen we bijbrengen?

Een opiniebijdrage van sociaal laborant Jeroen waarin hij reflecteert over de nood tot meer burgerschap die door meerdere politici en opiniemakers werd onderschreven. Met het nieuwe schooljaar voor de deur pleit hij voor een geëngageerde invulling van burgerschapsvorming, ook en zeker in het onderwijs.

Welk burgerschap willen we bijbrengen?

De voorbije week hoorden we verschillende politici pleiten voor meer burgerschap. Minister van Onderwijs Hilde Crevits liet weten dat burgerschap ook in de eindtermen opgenomen wordt. De centrale vraag is echter welk burgerschap we willen stimuleren. Dat is een inhoudelijke maar ook een politieke keuze omdat er niet zoiets is als een neutrale manier om naar burgerschap te kijken.

Een mainstream discours over actief burgerschap zien we vaak ingevuld als beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt of om de zoveel jaren je stem uitbrengen. Vandaag beklemtonen opiniemakers vooral het onderschrijven van ‘onze’ waarden en het respecteren van grenzen en plichten die verbonden zijn aan je lidmaatschap van deze samenleving. Dat is twee keer een instrumentele benadering van burger zijn. Dit burgerschap wordt zo een systeembevestigend gegeven, waarbij we de mogelijkheid verspelen om burgers de samenleving te laten bevragen en veranderen.

Onderwijs speelt uiteraard een belangrijke rol bij de ontwikkeling van een nieuwe generatie burgers. Dat wil niet zeggen dat burgerschapsvorming gereduceerd moet worden tot een passieve overdracht van een set gevestigde waarden. Cruciaal is de opdracht die leerkrachten meekrijgen. Worden ze gestimuleerd om jongeren zodanig te boetseren dat ze probleemloos passen binnen de samenleving zoals ze is, of is er plaats voor een emanciperende benadering?

In die laatste dagen we jongeren uit maatschappelijke problemen te analyseren, bediscussiëren en over te gaan tot sociale actie. Dit impliceert ook dat maatschappelijke waarden mogen in vraag gesteld worden en niet voor eeuwig gebetonneerd zijn.

Foto Training Kritisch Burgerschap VersterkenBinnen mijn eigen vormingswerk stimuleer ik jongeren om in de geest van Freire’s kritische pedagogie de wereld te leren lezen. Daarbij verkennen we verschillende perspectieven in actuele debatten over alles van boerkini’s tot een nieuw klimaatbeleid.  Wie neemt welke beslissing? Waarom? In wiens belang? Wie draagt welke gevolgen? Kritisch burgerschap begint bij het stellen van vragen, niet het geven van antwoorden.

Het is een proces van politieke alfabetisering waarbij ik telkens vol verwondering vaststel hoe jongeren groeien. Stap voor stap evolueren ze van twijfel over verontwaardiging naar hoop en van persoonlijke onmacht naar gedeelde kracht. Intussen ontdekken ze zelf antwoorden en nemen ze een eigen standpunt in. Het is een sterke oefening in democratie voor al wie erbij betrokken is.

Inzetten op dit soort geëngageerd burgerschap is kiezen voor een toekomst van hoop. Historisch hebben burgerbewegingen in de marge van het politieke machtsbestel immers belangrijke sociale vooruitgang geboekt, ondanks tegenkanting vanuit het systeem.

Het waren vrouwen die wereldwijd buiten het parlement streden om erkenning als volwaardige burgers. In de VS heeft de burgerrechtenbeweging er vele jaren over gedaan om de zwarte bevolking niet langer als tweederangsburgers te laten behandelen. Er was op grote schaal sociale actie en burgerlijke ongehoorzaamheid nodig tegen de gevestigde orde.

In beide gevallen betekende actief burgerschap niet het ondertekenen van verklaringen waarin ze instemden met de toen wettelijke ongelijkheid. Ingaan tegen de gevestigde orde getuigde van een meer krachtdadig burgerschap dan eender welk ‘inburgeren’ in een bestaand waardensysteem ooit kan opbrengen.

Mogen we ook vandaag dergelijk engagement als noodzakelijk burgerschap beschouwen? Indien wel, dan moet de kritische reflectie die hieraan vooraf gaat ook in het onderwijs gestimuleerd worden.

Meer en meer jongeren zien zich geconfronteerd met een generatie politici die niet in staat blijken om de grote en vaak grensoverschrijdende uitdagingen van deze tijd op een rechtvaardige manier aan te pakken. Klimaatverandering, vluchtelingenstromen, corruptie, groeiende ongelijkheid… Georganiseerde burgers kunnen een tegengewicht vormen voor het politieke gebrek aan daadkracht.

Dit kritisch burgerschap omvat veel meer dan het vervullen van je burgerplichten en onderschrijven van een set waarden. Het gaat om een actief deelnemen aan een dagelijkse strijd voor de samenleving van morgen. Daarbij staren burgers zich niet enkel blind op het behouden van wat is, maar bouwen ze actief mee aan wegen naar wat zou kunnen zijn. 

Racisme begrijpen, racisme bestrijden

Racisme is terug van nooit weggeweest. En zoals te vaak was er een extreme golf van racistisch haat prediken nodig om op grote schaal – en op hoog politiek niveau – een duidelijke blijk van verontwaardiging te ontwaren. In werkelijkheid is racisme echter een dagelijks kwaad dat voor de doorsnee Vlaming onopgemerkt passeert. 

Ik hoop dat Ramzi Mohammed Kaddouri eens de storm gaan liggen is in vrede kan rusten en dat zijn familie en vrienden steun en warmte vinden bij het verwerken van hun tragische verlies. Als samenleving doen we er echter goed aan te beseffen dat er zonder rechtvaardigheid geen (sociale) vrede kan zijn. Het volstaat niet om vandaag verontwaardigd te zijn en morgen terug over te gaan naar de orde van de dag. Het is hoog tijd het reëel bestaande racisme serieus te nemen en werk te maken van een geloofwaardige en krachtdadige strategie om dat racisme te bestrijden. Maar eerst moeten we begrijpen hoe racisme functioneert binnen onze samenleving. Want racisme begrijpen is een voorwaarde om het effectief te bestrijden.

Vier niveaus van racisme

Soms krijg je de indruk dat racisme een louter individueel probleem is. Een 'kleine groep' is in het racistische bedje ziek en heeft 'hulp' nodig. Racisme reduceren tot het individuele niveau is echter iets te makkelijk. Ik zag op Twitter volgende uitspraak van Orhan Agirdag passeren: "hoe institutioneler racisme, hoe minder verontwaardiging. Hoe individueler racisme, des te meer verontwaardiging." Hij heeft ongetwijfeld gelijk, maar ik zou er nog aan toevoegen dat die selectieve verontwaardiging niet meer dan een logisch gevolg is van de te enge bril waardoor we het racisme probleem bekijken.

Zoals ook Ico Maly aangeeft, we hebben een structureel probleem in Vlaanderen omdat we de collectieve dimensies van racisme niet zien. Om die blinde vlek mee in kaart te breng, doe ik beroep op een model dat we ook vaak gebruiken in ons vormingswerk. Het analytische model illustreert hoe racisme op verschillende niveaus bestaat en dat die verschillende vormen van racisme samenhangen en elkaar versterken. Een effectieve anti-racistische strategie moet racisme dan ook op verschillende fronten tegelijk bestrijden.

racisme oefening DSC03526Volgende niveaus van racisme worden beschreven en behandel ik hieronder:

  • Individueel (interpersoonlijk) racisme
  • Geïnternaliseerd racisme
  • Cultureel racisme
  • Geïnstitutionaliseerd racisme

​We hanteren de niveaus frequent bij vormingswerk, niet alleen over racisme maar ook binnen het brede veld van 'anti-oppression work'. Ze komen aan bod in de 'Systemic Oppression Theory' en zijn ook makkelijk terug te vinden bij andere vormen van onderdrukking zoals seksisme. Om alle twijfel weg te nemen zal ik het ook hebben over 'omgekeerd racisme' en daarmee kort een vijfde vorm van racisme bespreken. Spoiler alert: een vijfde vorm die er eigenlijk geen is…

 

 

Individueel racisme: de meest zichtbare vorm

Zonder twijfel is dit de meest zichtbare vorm van racisme. Het is het racisme op individueel, interpersoonlijk niveau. Elke vorm van het publieke uiten van vooroordelen, haat of daden van discriminatie zijn voorbeelden van deze vorm van racisme. Zodra een persoonlijke overtuiging wordt omgezet in interactie wordt het racisme zichtbaar. De haatberichten op Facebook naar aanleiding van een Vlaamse tiener met Marokkaanse roots zijn een goed voorbeeld hiervan. Andere voorbeelden zijn een winkelier die een klant met migratieachtergrond niet dezelfde service biedt of iemand die weigert naast iemand met een andere huidskleur te zitten op het openbaar vervoer.

Het is belangrijk gevallen van individueel racistisch gedrag niet zomaar voorbij te laten gaan. Want anders wek je de indruk dat die oké zijn, wat in geen enkel geval aanvaardbaar is. Veel 'haatmisdaden' zijn een escalatie van een lange geschiedenis van onopgemerkte of genegeerde racistische gedragingen die nooit (of te weinig) werden veroordeeld. Toch is dit maar het tipje van de ijsberg. Daarom verkies ik hier meer aandacht te besteden aan andere, minder voor de hand liggende racisme niveaus.

Geïnternaliseerd racisme: een Trojaans paard

Ook deze vorm van racisme is in wezen individueel, met dat verschil dat het zich niet in de eerste plaats tussen personen manifesteert maar in het denken en voelen van een individu. Dit racisme heeft een belangrijke impact op ons zelfbeeld en kan bij de dominante groep leiden tot gevoelens van superioriteit, net zo goed als tot gevoelens van minderwaardigheid bij de maatschappelijke groepen die doelwit zijn van racisme.

In de samenleving bestaan heel wat (voor)oordelen over deze of gene groep mensen. Hoe een groep waarmee je jezelf identificeert wordt geportreteerd zal – bewust of onbewust – een invloed hebben op de ontwikkeling van jouw zelfbeeld. Wie of wat zie jij als je in de maatschappelijke spiegel kijkt? Het resultaat is te vergelijken met de vervormende spiegels die je in sommige kermisattracties ziet. De ene spiegel ('white supremacy') maakt dat je vindt dat je beter bent dan de ander, de andere heeft het omgekeerde effect. Om die reden was het idee 'black is beautiful' cruciaal als tegengif voor zwarte emancipatiebewegingen actief in racistische samenlevingen. Om dezelfde reden blijft het noodzakelijk om #BlackLivesMatter te herhalen, tot iedereen – ongeacht de huidskleur – beseft dat het leven van iemand die niet blank is even waardevol is.

Een negatief zelfbeeld kan erin resulteren dat we niet alleen van de samenleving, maar ook van onszelf of onze omringende gemeenschap vervreemden. Er zijn verschillende wetenschappelijke experimenten die aantonen hoe de identiteitsontwikkeling van zwarte jongeren in de VS aangetast wordt door dit geïnternaliseerde racisme. Een tekenend voorbeeld zijn de studies waarbij zowel zwarte als blanke kinderen meer positieve eigenschappen toeschrijven aan een blanke pop dan aan een zwarte, terwijl die eerste groep kinderen zichzelf wel duidelijk identificeren met de zwarte pop.

Uiteraard hangt geïnternaliseerd racisme in sterke mate samen met het culturele racisme dat hierna besproken wordt. Het is de constante confrontatie met stereotype en stigmatiserende benaderingen in de dominante cultuur die een enorme impact heeft op de ontwikkeling van een identiteit en dus het zelfbeeld dat we van onszelf vormen.

Cultureel racisme: het kind en het badwater

Geschiedschrijving, media, tradities, populaire cultuur, ze dragen allemaal een beeld uit dat heel vaak onderscheid maakt tussen 'wij' en 'zij', tussen 'ons' en 'de ander'. Het culturele weefsel bepaalt het DNA van een samenleving. Binnen die cultuur wordt de basis gelegd voor een maatschappij die gebaseerd is op inclusie of net op uitsluiten en discriminatie. Want zoals Audre Lorde benadrukte: het zijn niet onze verschillen die ons verdelen, maar wel ons onvermogen om die verschillen te erkennen, accepteren en zelfs vieren.

Racisme CollageDat blijft een moeilijke oefening. Want hoewel we uit de landbouw weten dat monoculturen veel vatbaarder zijn voor plagen, blijven sommigen worstelen met heimwee naar een monocultureel Vlaanderen dat nooit meer terugkomt. In plaats van verschillen te vieren, worden ze een basis voor uitsluiten, uitlachen en verdacht maken. Stuk voor stuk elementen die pijnlijk diep in ons culturele DNA lijken ingebakken te zitten. Dat blijkt niet alleen uit de gekende voorbeelden van racistische stereotyperingen van 'de ander' in stripverhalen, boeken of op TV maar ook uit de manier waarop wordt omgesprongen met iedereen die racisme in de culturele ruimte aankaart.

Het is dan ook geen fijne realiteit om mee geconfronteerd te worden. Want een deel van onze culturele identiteit is onmiskenbaar gebaseerd op een racistische ideologie. Of je het nu wil geweten hebben of niet, enkele edities terug stond in de driedelige editie van het Van Dale woordenboek bij zwarte piet nog dat die de 'negerknecht' van Sinterklaas was. Einde discussie lijkt me dat. De arrogante houding van velen in de pietendiscussie, die wars van elke vorm van empathie en koste wat het kost hun traditie willen bewaren spreekt boekdelen. Of vraag het aan de op Facebook felbelaagde actiegroep 'Stop Oppressive Stereotypes' die racistische stereotypes in het attractiepark de Efteling aankaart. Hallucinant welke verwensingen en bedreigingen die over zich heen krijgen. De pijnlijke conclusie is dat te veel mensen in deze samenleving meer aanstoot nemen aan kritiek op racistische elementen in onze cultuur dan aan racisme zelf. En dat immens probleem voor elke samenleving die zichzelf democratisch noemt.

Hoewel we allemaal boter op ons hoofd hebben bij het in standhouden van een racistische cultuur hebben de media in het bijzonder verantwoording af te leggen. Zeer recent illustreerde Christophe Callewaert nog hoe ver sommige kranten gaan in het stigmatiseren van 'de ander'. Ongefundeerde vooroordelen op individueel niveau uiten is jammer, maar wanneer het om een systematische praktijk in de media gaat, is actie nodig. Wat dat betreft: hoe lang gaan we nog tolereren dat de media telkens opnieuw het woord 'illegaal' opvissen om te verwijzen naar mensen zonder papieren?

Wie zich racistisch gedraagt vindt binnen het brede culturele veld vandaag vaak bevestiging. Cultureel racisme normaliseert racistisch denken en handelen, beïnvloedt onze kijk op de ander en ondermijnt op die manier het draagvlak voor een inclusieve en solidaire samenleving.

Geïnstitutionaliseerd racisme: als wet onrecht wordt…

Een laatste niet te onderschatten niveau van racisme is dat racisme dat verankerd zit in de spelregels van onze samenleving. Het meest voor de hand liggende voorbeeld is wetgeving die expliciet racistisch is (zoals oude segregatie wetten), maar het gaat natuurlijk veel verder dan dat. Het feit dat je met een migratieachtergrond feitelijk veel meer obstakels ondervindt in het onderwijs, op de arbeidsmarkt, bij het zoeken naar een woning of in de gezondheidszorg getuigt allemaal van diepgewortelde institutionalisering van racisme binnen belangrijke maatschappelijke voorzieningen. 

Het probleem is dat het gevestigde racisme in instellingen ervoor zorgt dat de ene groep systematisch bevoordeeld wordt en opzichte van de andere die benadeeld wordt. Wanneer een individu handelt vanuit een mandaat verkregen door een instelling en daarbij discrimineert op een manier die minstens getolereerd en soms zelfs aangemoedigd wordt door zijn opdrachtgevers, dan gaat het niet om individueel maar over institutioneel racisme. 'Ethnic profiling', wanneer politie agenten doelwitten voor een grondige controle selecteren op basis van hun huidskleur, is een sprekend voorbeeld. De assumptie hier is dat mensen met een migratie achtergrond een groter risicoprofiel hebben voor crimineel gedrag puur omwille van hun etnische afkomst. Aangezien het om een systematische praktijk gaat, zit het vooroordeel niet louter op het niveau van de individuele agent, maar op het niveau van de politie als instituut. Dit laatste is onmiskenbaar nog veel erger.

Omgekeerd racisme: de vorm van racisme die niet bestaat

Omgekeerd racisme is zelden echt racisme, behalve in die zeldzame gevallen… Nee, stop al maar. Omgekeerd racisme bestaat simpelweg niet. Het is in het beste geval een argument dat onwetendheid illustreert, maar even vaak een slecht excuus van slechte verliezers die zo de handdoek gooien in het racisme debat. Waarom dat zo is?

oppression meansSoms hoor je opmerkingen als "zij zijn ook racistisch naar ons" of "mensen met een migratieachtergrond hebben ook een stereotyperend beeld van de autochtone bevolking". Hoewel dat laatste ongetwijfeld waar is, is racisme geen tweerichtingsverkeer. Op het individueel niveau bestaan uitingen van onbegrip of afkeer uiteraard in beide richtingen. Maar racisme is, zoals andere vormen van onderdrukking, in wezen een structureel gegeven dat samenhangt met de positie die een geprivilegeerde groep in de samenleving inneemt. Racisme gaat niet enkel om vooroordelen maar ook over de macht om die vooroordelen om te zetten in discriminatie. 

Onderdrukking heeft immers altijd te maken met macht. In deze samenleving hebben mensen met een migratieachtergrond nu eenmaal niet de mogelijkheid om de autochtone Belg systematisch uit te sluiten of discrimineren. En dat is in essentie wat racisme zo gevaarlijk maakt: dat irrationele vooroordelen die wijd verspreid onder de bevolking leven gebruikt worden om een onrechtvaardige situatie te legitimeren en in staat te houden.

 

Conclusie: anti-racistische actie, een strijd op vele fronten

Velen mogen dan (terecht!) gechoqueerd zijn over de degoutante racistische uitingen naar aanleiding van de dood van Ramzi Mohammed, echt verbazen mag het niet. Bovenstaande analyse illustreert hoe racisme nog steeds zit ingebakken in het DNA van onze samenleving. Het probleem erkennen en in al zijn complexiteit begrijpen is een eerste voorwaarde om geloofwaardige actiestrategieën te ontwikkelen.

De verschillende niveaus van racisme zullen ook om een andere aanpak vragen. Er is geen blauwdruk, maar er zijn wel enkele duidelijke aanknopingspunten voor dergelijke strijd. Individueel racisme ondermijnen vergt enerzijds om de nodige moed om racistisch gedrag publiek te confronteren en anderzijds een lange termijn strategie waar de culturele en institutionele wortels van racisme afgesneden worden. Om het culturele racisme te bestrijden moeten nieuwe allianties gevormd worden die een andere lezing van de werkelijkheid en geschiedenis naar voor schuiven in vele domeinen van de media over het onderwijs tot in de kunstwereld. Het institutionele racisme maakt het nodig een offensieve aanpak te ontwikkelen die racistische praktijken ontmaskerd en verantwoordelijke instanties vaker, sneller en harder ter verantwoording roept.

Een ding is zeker: er is nog een lange weg te gaan en we kunnen er maar beter snel aan beginnen. Want op lange termijn kent een meer inclusieve samenleving vooral winnaars, ook onder mensen zonder migratieachtergrond. 

Jeroen Robbe is reeds vijftien jaar als activist betrokken in grassroots sociale bewegingen. Hij is actief rond andersglobalisme, klimaatrechtvaardigheid en vluchtelingen solidariteit. Bij Vredesactie geeft hij sinds tien jaar training geweldloze directe actie en bij LABO vzw staat hij in voor vormingswerk en sociale actie. Met vallen en opstaan probeert hij als blanke man bondgenoot te zijn in de strijd tegen racisme, seksisme en andere vormen van onderdrukking.

Say it straight, simple and with a smile

nonni

Nonni, thank you for writing this!

This workshop would be in Dutch

Recently I went to a White Privilege workshop hosted by LABO. My girlfriend was invited but she was busy. So I went instead. I’m new in Gent so this was the perfect opportunity to meet people and engage in a dialogue about privileges in multicultural societies. 

When I arrived, I was approached by people of different backgrounds. All of them spoke Dutch so I got the feeling that this workshop would be in Dutch. This would change the dynamics a bit since my Dutch level is pretty low. Luckily, the group checked if there were people present who didn’t speak Dutch. A young woman helped me to understand what was being said.

The evening started off with food and drinks. I opened up a wrap of Yogi tea and looked at the quote that said: “ Say it straight, simple and with a smile”. I didn’t really give it too much thought right there in that moment. That, however, would soon change …

 

 

Racist when they are not present

The workshop consisted of several assignments. We were working both independently, in pairs and in groups. But all the assignments had one thing in common: we were dealing with privilege from different standpoints.

I could probably write a whole book about all the assignments in the workshop but I want to focus on the last assignment we were given. After over two hours of different dialogues, confrontations and self-reflection we were divided up in groups. Our assignment was to share our experiences of being present in a group of people of different color where racist remarks had been made.

The only story I had to share was when I was 16 years old and, at that point, I was a young teenager with a worldview that wasn’t really determined. On the other hand, I DO have a lot of stories to share when being exposed to racist remarks about certain minority groups or ethnic groups – basically groups that are not considered to be white – while they are NOT present when those remarks are made.

I’ve been thinking about this since I left the workshop a month ago.

 

 

“Would I confront a racist remark in a job interview?”

As bystanders, how do we deal with racist remarks around or in the absence of people of different shades? Should we always be confrontational? Or is there a threshold on where the confrontation starts? How serious does someone’s remark need to be for me to confront it? 

I guess it depends on how we feel about the privilege we have. 

Do we take advantage of it regardless of how we feel about racism? Or are we willing to sacrifice all the benefits it gives us in certain circumstances? Would I confront a staff manager with a racist remark in a job interview? I would most certainly not get the job and probably be asked to leave.

If we enjoy the benefits, then we should probably keep quiet, put up a vague smile or nod our head just a bit to not put the negotiations at risk. But those benefits come at a cost.

From a “Rights and Duties” perspective, I think we should NOT be entitled to put the “Against Racism” pin on our shirt in any circumstances if we do not plan to be vocal against it in any situation. Be it a birthday party or family dinner. 

 

 

Say it straight, simple and with a smile

At this point the quote from the Yogi tea came to mind: “say it straight, simple and with smile”. When it comes to confronting racism in everyday situations, it is something you always have to confront. Even if the confrontation is only in the form of a question or as a request for a better explanation of the racist remark. A confrontation doesn’t have to be hostile.

I’m certainly very guilty of “keeping the peace” and of not being vocal in every situation but that needs to change. As an advocate of rights to equality and non-discrimination I should be ready to reject the benefits of “keeping the peace”. 

How can I accept these privileged benefits but at the same time be against them? If I do, I at least need to get a new pin on my shirt that says “I’m a Hypocrite”.

 

Ontdek ook Liesbeths ervaring met ‘white privilege’: “Ik voelde me nooit een slachtoffer”

Of bekijk ons vormingsaanbod en vraag vrijblijvend een offerte aan.

“Ik voelde me nooit een slachtoffer”

wool-742770_960_720 alternatieve foto liesbeth

Liesbeth, bedankt voor jouw woorden!

Ik ging met hooggespannen verwachtingen naar deze editie van Circles 4 change. Ik wist immers niet wat te verwachten van een grotendeels witte organisatie die een avond organiseerde over ‘white privilege’. Gelukkig was de activiteit heel goed voorbereid.

 

 

Strijdende gevoelens

Wat me bijgebleven is, is voornamelijk de ‘walk of privilege’ en dan bovenal de nabespreking. Tijdens deze wandeling werd aan de deelnemers gevraagd om een stap achteruit te zetten als ze, bijvoorbeeld, het gevoel hadden moeilijker een huis te kunnen kopen of huren omwille van hun huidskleur. Na veel zulke vragen en op-en-neergestap, tekende zich een kloof af tussen zij die vooraan eindigden en zij die niet evenveel privileges genieten. 

Deze  oefening riep zeer veel uiteenlopende reacties en ervaringen op. Veel medeparticipanten vonden het enorm confronterend en frustrerend.

Ik voelde me helemaal niet de ‘duts’ van de groep. Privilege en achterstelling, het roept bij mij enorm veel en soms tegenstrijdige gevoelens op. Ik voelde me nooit een slachtoffer, maar anderzijds voelde ik wel enige verontwaardiging dat voor bepaalde mensen deuren automatisch opengaan en dat anderen superhard moeten knokken om nog maar een voet tussen de deur te kunnen wurmen.

 

“Ik denk vaak na over privileges”

Ik denk namelijk vaak na over privileges, over white privilege, de maatschappelijke structuren en systemen. Maar als socioloog vind ik het moeilijk over persoonlijke ervaringen met privileges te spreken. Maak ik dan geen ecologische fout (veralgemeningsfout)? Omdat het een interessante vraag is, zal ik toch een poging wagen.

Al sinds mijn eerste lessen in de sociologie werd ik met mijn neus op het concept ‘intersectionaliteit’ gedrukt, het feit dat er verschillende assen zijn waarop je privilege of achterstelling kan ervaren. Als vrouw, kind van een alleenstaande moeder die het niet erg breed had en als persoon met een migratieachtergrond leek de toekomst me statistisch gezien niet toe te lachen.

 

De realiteit is complex en divers

Ik ervaar in verschillende mate achterstelling wat voornamelijk mijn ras en geslacht en eventueel mijn economisch kapitaal betreft. Daartegenover staat dat ik ervaar dat school voor mij steeds redelijk makkelijk was, ik geen taalachterstand heb, een hoogopgeleide familie heb, geen interne culturele conflicten, zware fysieke of mentale beperkingen en best wat sociaal kapitaal heb. 

De realiteit is met andere woorden complex en divers. Het loont zeker de moeite hier bij stil te staan. Deze Circles 4 Change maakte dit mogelijk en bracht veel nieuwe inzichten

smiley

 

Ontdek ook Nonni’s ervaring met ‘white privilege’: “Say it straight, simple and with a smile”

Of bekijk ons vormingsaanbod en vraag vrijblijvend een offerte aan.